woensdag 24 april 2013

Bonita Avenue recensie (met spoilers)

In de lange lijst met fictie die me getraumatiseerd heeft, komt Bonita Avenue met stip binnen. Als ik meer sadistisch was, zou ik dit boek cadeau doen aan judoënde vrienden (dat ga ik toch gewoon doen, hoor). Waar Reve zich nog richtte op 'de onderkant van de mens', haalt de hedendaagse schrijver de mens helemaal uit elkaar, zogezegd.

Dat traumatiserende is natuurlijk een verdienste van Peter Buwalda: niet alleen is die nare gebeurtenis op zich goed beschreven, ook zijn de karakters zo geloofwaardig dat ik niet kan helpen met ze mee te voelen.

Niet dat ik van ze houd, overigens. Of misschien ook wel: zoals ik ook wel een liefde/haat relatie met mezelf kan hebben. Ik herken me in alle karakters wel een beetje. Per saldo haat ik Siem het meest, maar die haat zichzelf ook het meest. De enige goede verklaring die ik kan verzinnen voor dat hij zijn zoon vermoord (en dan zichzelf) is dat die zoon deel van hem zelf is. 

Siem staat ver van zijn gevoelens af. Dat maakt het moeilijker je met hem te vereenzelvigen. Met de andere karakters gaat dat makkelijker. Misschien het gemakkelijkst, voor mij, met sukkel Aaron. Ik snap in ieder geval zijn lethargie en eigenlijk ook wel zijn psychose, vooral omdat hij zichzelf actief daarin brengt (als straf, denk ik). Hoe het is een mooie, enigszins kille vrouw te zijn, zoals Joon, ligt iets te ver buiten mijn belevingswereld. Maar, net als bij Siem, geloof ik haar handelingen volkomen. 

Ik vond Bonata Avenue erg rijk geschreven. Te rijk eigenlijk, maar dan alleen naar mijn smaak: ik houd meer van het realisme waarin nauwelijks iets gebeurt (zoals in Voskuils Het Bureau). In Bonita Avenue gebeurt natuurlijk een heleboel, maar ik vind vooral de stijl nogal rijk. Een voorbeeld daarvan is als Buwalda een jaren '80 computer conferentie schetst door hem vol met ZX Spectrum autisten te noemen. Dat is dan een referentie die ik als nerd zelf had kunnen bedenken, maar op dezelfde manier heeft Buwalda kennis van bijna onmenselijke veel populaire weetjes, die hij virtuoos weet in te zetten.

Tussen die rijke verwijzingen en rijke gebeurtenissen, zitten dan ook nog rijke schetsen van bijvoorbeeld de judowereld, de topwetenschappelijke wereld en de porno-industrie in Los Angeles. Al deze, zeer uiteenlopende werelden worden fantastisch belicht, en dat vind ik, als realo, dan weer erg aantrekkelijk.

Ten slotte wil ik dan nog aanstippen dat ik het gespring in de tijd wel heel goed gedaan vind. Dat is 'maar' een schrijftechniek, maar één die je toch ook beter en slechter kan inzetten. De vloeiende manier waarop, vanuit drie oogpunten, tussen twee hoofdperioden heen en weer wordt gesprongen (de tijd waarin Siem nog leeft, en tien jaar daarna), met daardoorheen gevlochten talloze flashbacks naar eerdere geschiedenis, doen waarschijnlijk weinigen Buwalda na.

Concluderend raad ik dus niemand Bonita Avenue aan, maar kijk ik toch erg uit naar de volgende Buwalda.

Geen opmerkingen: